«

»

Werkgevers let op: belangrijke pensioen wijzigingen per 1/1/2015

1. Wat gaat er gebeuren?

De fiscale regelgeving die van toepassing is op pensioenregelingen wijzigt per 1 januari 2015. Kort gezegd mag er ná 1 januari 2015 minder pensioen worden opgebouwd. Daardoor kan de pensioenregeling die u heeft getroffen voor uw werknemers vanaf die datum in strijd komen met de fiscale regelgeving. In dat geval moet u actie ondernemen. 

 

2. Wat houden de fiscale wijzigingen in?

De belangrijkste wijzigingen zijn:

Bij een middelloon- of eindloonregeling:

  • Het maximaal toegestane opbouwpercentage wordt lager;
  • De standaard pensioenleeftijd stijgt naar 67 jaar.

Bij een premieregeling:

  • De maximaal toegestane premie wordt lager;
  • De standaard pensioenleeftijd stijgt naar 67 jaar;
  • Kosten mogen geen onderdeel meer uitmaken van de premie en moeten daarom apart worden vermeld in de pensioenregeling.

Voor werknemers met een salaris hoger dan € 100.000:

  • De gunstige fiscale regelgeving geldt niet meer voor pensioenopbouw over het deel van het salaris boven de € 100.000.

 

3. Wat moet u doen?

Dat hangt af van wie uw pensioenregeling uitvoert.

Wordt uw pensioenregeling uitgevoerd door een verplicht bedrijfstakpensioenfonds? Dan hoeft u niets te doen. Het bedrijfstakpensioenfonds zal de pensioenregeling zo nodig aanpassen en u daarover informeren. U hoeft deze blog dus niet verder te lezen!

Wordt uw pensioenregeling uitgevoerd door een verzekeraar, premiepensioeninstelling of ondernemingspensioenfonds?

Dan moet u mogelijk iets doen. De pensioenuitvoerder of uw tussenpersoon heeft u waarschijnlijk al geïnformeerd of uw pensioenregeling moet worden aangepast. Doe navraag als u nog niets heeft vernomen.

Zijn aanpassingen van uw pensioenregeling noodzakelijk?

Dan moet u eerst met uw pensioenuitvoerder of tussenpersoon bespreken wat de verschillende opties en daaraan verbonden kosten zijn. Vervolgens moeten de werknemers instemmen met de uitkomst van dat overleg. Hoe u die instemming krijgt hangt af van het volgende:

    • Staan de pensioenafspraken in een cao? Dan heeft u instemming van de vakorganisaties nodig voor de aanpassing van de pensioenregeling.
    • Staan de pensioenafspraken niet in een cao? Dan heeft u de instemming van uw werknemers nodig voor de aanpassing van de pensioenregeling tenzij er – kort gezegd – sprake is van heel bijzondere redenen. U heeft bovendien de instemming van uw ondernemingsraad nodig indien de pensioenregeling wordt uitgevoerd door een verzekeraar of premiepensioeninstelling (dus niet door een pensioenfonds).

Hoe kunt u instemming krijgen voor de aanpassingen?

De vakorganisaties / werknemers / ondernemingsraad zullen waarschijnlijk slechts willen instemmen met een aanpassing indien de nadelen voor de werknemers (deels) worden gecompenseerd.

Wat kan een vorm van compensatie zijn?

Door de versobering van de pensioenopbouw zal de premie die u moet betalen aan de pensioenuitvoerder waarschijnlijk lager worden. Een eenvoudige en kostenneutrale vorm van compensatie is het deel van de premie dat u minder betaalt aan de pensioenuitvoerder, voortaan (geheel of gedeeltelijk) uit te betalen aan de getroffen werknemers als extra bruto loon. Let op dat dit extra bruto loon meetelt voor de berekening van vakantiegeld en pensioenopbouw en kan meetellen voor een bonus, dertiende maand en andere op het loon gebaseerde voorzieningen, tenzij u uitdrukkelijk anders afspreekt met de werknemers. Houdt daarmee dus rekening in de berekening van de compensatie. Let ook op dat, indien de hoogte van de premie afhankelijk is van de leeftijd van de werknemer, er mogelijk sprake kan zijn van (verboden) leeftijdsonderscheid indien ook de hoogte van de compensatie afhankelijk is van de leeftijd van de werknemer.

Wat kunt u verder doen voor werknemers met een salaris hoger dan € 100.000?

Zoals vermeld geldt de gunstige fiscale regelgeving niet meer voor pensioenopbouw over het salaris boven de € 100.000. Voor deze werknemers heeft de wetgever een alternatieve voorziening mogelijk gemaakt: het nettopensioen of de nettolijfrente. De premie voor het nettopensioen en de inleg voor de nettolijfrente wordt betaald uit het netto salaris (en niet uit het bruto salaris zoals “gewone” pensioenpremies). Het fiscale voordeel: de waarde van het nettopensioen en de nettolijfrente is vrijgesteld in box 3. Vraag uw pensioenuitvoerder of uw tussenpersoon wat de voor- en nadelen zijn om deze alternatieve voorziening wel/niet aan te bieden aan uw werknemers en wat hierin de mogelijkheden en kosten zijn. 

Mijn advies aan u is: onderneem actie! Op 1 januari moet het geregeld zijn en voor dit soort pensioenwijzigingen is dat al heel snel.

Over de auteur

avatar

Bas Degelink